Algemeen

Bestuurlijke samenvatting

Omschrijving

2027

2028

2029

2030

Vastgestelde begroting 2026

-1.502

-825

125

129

Nota van wijziging op de begroting 2026

0

0

-4

-22

Wijzigingen tot 1e Turap 2026

-260

-2.076

-1.937

-1.707

Mutaties kadernota 2027 - 2030

-140

1.076

-90

-63

Begrotingssaldo na kadernota 2027 - 2030

-1.902

-1.825

-1.906

-1.663

Exogene en autonome ontwikkelingen

119

61

-1.497

-1.871

Meicirculaire gemeentefonds

970

1.385

-221

107

Loon- en prijsontwikkeling

-811

-1.002

-952

-1.018

Doorlichting begroting

753

848

848

848

Moties en amendementen

-92

-92

-92

-92

Financieel technische mutaties

-301

-36

578

2.061

Saldo begroting 2027 - 2030

-1.263

-662

-3.242

-1.629

Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)

2.287

1.825

0

0

Structureel begrotingssaldo

1.024

1.163

-3.242

-1.629

Bedragen x € 1.000

De gemeente ontvangt ieder jaar geld om haar taken uit te voeren en investeert dit in voorzieningen en projecten voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Denk bijvoorbeeld aan wegen, groen, jeugdzorg, scholen, sportvoorzieningen, duurzaamheid en veiligheid. In dit huishoudboekje leggen we uit hoe de gemeente met haar geld omgaat en hoe de financiële situatie van Leidschendam-Voorburg eruitziet. 

Hoe staat de gemeente er financieel voor? 
De gemeente moet ervoor zorgen dat inkomsten en uitgaven op de lange termijn met elkaar in evenwicht zijn. Dit noemen we een structureel sluitende begroting. De begroting voor 2027 en 2028 is in balans. Voor 2029 en 2030 verwachten we echter dat de uitgaven hoger zullen zijn dan de structurele inkomsten. Dat betekent dat de gemeente de komende jaren keuzes moet maken om ook op langere termijn financieel gezond te blijven.  
Ten opzichte van de Kadernota is het financiële perspectief voor 2027 en 2028 verbeterd. Dat komt onder meer door nieuwe informatie vanuit het Rijk, een scherpere raming van de uitgaven voor inkomensondersteuning en verdere verfijning van de begroting. Tegelijkertijd zien we dat verschillende kosten blijven stijgen. Met name de uitgaven voor jeugdzorg, rentelasten en loon- en prijsontwikkelingen hebben invloed op de gemeentelijke financiën.  
Deze ontwikkelingen laten zien dat het financiële perspectief onzeker blijft en de komende jaren aandacht vraagt.

Waar komt het geld vandaan? 
De gemeente heeft verschillende inkomstenbronnen. Het grootste deel van de inkomsten komt van het Rijk via het gemeentefonds. Dit geld gebruikt de gemeente om haar wettelijke en lokale taken uit te voeren. Daarnaast ontvangt de gemeente inkomsten uit lokale belastingen en heffingen, zoals de onroerendezaakbelasting (OZB), afvalstoffenheffing en rioolheffing. 
Ook ontvangt de gemeente subsidies en bijdragen van andere overheden en organisaties voor specifieke projecten en maatschappelijke opgaven. Denk hierbij bijvoorbeeld aan woningbouw, duurzaamheid, mobiliteit of sociale voorzieningen. 
Omdat een groot deel van de inkomsten afkomstig is van het Rijk, zijn landelijke besluiten van invloed op de gemeentelijke begroting. Veranderingen in wetgeving, de verdeling van middelen of nieuwe taken voor gemeenten kunnen financiële gevolgen hebben. Daarom volgt de gemeente deze ontwikkelingen nauwgezet en blijft zij zich inzetten voor een stabiele financiering van gemeentelijke taken.  

Waar gaat het geld naartoe? 
De gemeente zet haar middelen in voor een breed pakket aan voorzieningen en diensten. Een belangrijk deel van de begroting gaat naar het sociaal domein, waaronder jeugdzorg, ondersteuning en maatschappelijke voorzieningen. Daarnaast investeert de gemeente in onderwijs, sport, cultuur, veiligheid, bereikbaarheid, duurzaamheid en het onderhoud van de openbare ruimte. 
Ook wordt geld besteed aan de dienstverlening aan inwoners en ondernemers. Denk hierbij aan het aanvragen van een paspoort of rijbewijs, vergunningverlening en handhaving. 
Naast de dagelijkse werkzaamheden investeert de gemeente in projecten die bijdragen aan de toekomst van Leidschendam-Voorburg. Voorbeelden hiervan zijn de bouw en renovatie van scholen, verbetering van de bereikbaarheid, verduurzamingsmaatregelen en woningbouwprojecten. Zo werkt de gemeente aan een aantrekkelijke, veilige en toekomstbestendige leefomgeving. 

Welke risico's en uitdagingen zien we? 
Net als ieder huishouden heeft ook de gemeente te maken met onzekerheden. Sommige ontwikkelingen zijn goed te voorspellen, maar andere niet. De financiële positie van de gemeente wordt bijvoorbeeld beïnvloed door economische ontwikkelingen, veranderingen in Rijksbeleid en de ontwikkeling van lonen, prijzen en zorgkosten.  
Daarnaast voert de gemeente grote investeringsprojecten uit. Hierbij kunnen prijsstijgingen, vertragingen of andere externe omstandigheden gevolgen hebben voor de planning en de kosten van projecten. Ook ontwikkelingen waarop gemeenten zelf weinig invloed hebben, kunnen een rol spelen. 
Een belangrijk voorbeeld hiervan is netcongestie. Het elektriciteitsnet raakt op sommige plekken steeds voller. Hierdoor kunnen projecten op het gebied van woningbouw, scholen, mobiliteit en duurzaamheid vertraging oplopen. Dit kan gevolgen hebben voor de uitvoering van gemeentelijke plannen en uiteindelijk ook voor de gemeentelijke financiën.  
De gemeente volgt deze ontwikkelingen voortdurend en brengt de belangrijkste risico's in beeld. Zo kunnen waar nodig tijdig maatregelen worden genomen.  

Welke reserves hebben we en waarvoor gebruiken we die? 
In de afgelopen jaren heeft Leidschendam-Voorburg reserves opgebouwd. Reserves zijn financiële buffers die kunnen worden gebruikt voor toekomstige investeringen of om tegenvallers op te vangen. Hierdoor hoeft niet iedere uitgave direct uit de jaarlijkse begroting te worden betaald. 
De gemeente beschikt over een algemene reserve, die vrij inzetbaar is, en over verschillende bestemmingsreserves en dekkingsreserves. Deze bestemmingsreserves en dekkingsreserves zijn door de gemeenteraad ingesteld voor specifieke doelen, zoals mobiliteit en bereikbaarheid, onderwijshuisvesting, duurzaamheid en andere maatschappelijke opgaven. Daarnaast zijn er reserves die zijn bedoeld om toekomstige kapitaallasten op te vangen, zoals de reserves voor Duurzaamheid en energietransitie en Sterk voor Noord.  
Dankzij deze reserves kan de gemeente blijven investeren in belangrijke projecten en voorzieningen. Een groot deel van de middelen die in de reserves aanwezig zijn, is echter al bestemd voor toekomstige plannen en projecten. Daarom neemt de omvang van de reserves de komende jaren geleidelijk af.  
Ook na deze afname blijft sprake van een gezonde financiële buffer. Tegelijkertijd vragen de verwachte tekorten vanaf 2029 en de afname van de reserves om blijvende aandacht voor de financiële positie op langere termijn. Zo zorgen we ervoor dat ook toekomstige generaties kunnen rekenen op een financieel gezonde gemeente.  

Tot slot 
De begroting laat zien dat Leidschendam-Voorburg er financieel goed voor staat en blijft investeren in de kwaliteit van de leefomgeving. Tegelijkertijd staan gemeenten de komende jaren voor financiële uitdagingen. Door zorgvuldig met gemeenschapsgeld om te gaan, risico's tijdig in beeld te brengen en gericht te investeren, werken we aan een financieel gezonde gemeente voor nu en voor de toekomst. 

Reserve

2026

2027

2028

2029

2030

Algemene reserve

64.285

55.211

53.560

50.175

47.758

Bestemmingsreserve

141.960

137.602

127.798

123.722

121.168

Totaal

206.245

192.813

181.357

173.897

168.926

Bedragen x € 1.000

Deze pagina is gebouwd op 09/23/2026 12:31:02 met de export van 09/23/2026 12:23:58